Als klein meisje speelde Jessica Torny (35) al in de top van het Nederlandse én Duitse voetbal. Pas de laatste jaren wordt vrouwenvoetbal een beetje bekender bij het brede publiek maar voor Jessica was het al lang duidelijk: ze wilde voetballen en niets anders. Anne-Lynn Knol sprak met Jessica over haar liefde voor de bal.

“Als klein meisje kreeg ik een bal van mijn tante. Dat was mijn alles, ik stond er mee op en ging er mee naar bed. Ik had alleen maar buurjongens en daar was ik elke dag mee aan het voetballen. Een vriendje uit de buurt die ook bij me op school zat ging voetballen bij de voetbalclub vv DETO en dat wilde ik toen ook. Ik kwam in de F4 terecht, want er waren toen nog geen meidenteams. De trainster had al snel door dat ik voetballend veel verder was dan alle jongens uit het team. Probleem was dat ik niet verder kon omdat het bestuur geen meiden in de selectie had. Toch hebben ze voor mij een uitzondering gemaakt waardoor ik een seizoen later in de E-selectie terechtkwam. Vanaf dat moment ging het hard, en heb ik alle selecties doorlopen. Zelfs de A! Ook al waren er veel mensen binnen de club (vooral mannen) die het er absoluut niet mee eens waren dat er een meisje bij de jongens in een selectie team voetbalde heb ik er toch altijd keihard voor gevochten en ben ik altijd door gegaan.”

“Bij elke amateurclub lopen er altijd wel scouts van de KNVB rond. Toen ik voetbalde waren er alleen scouts voor jongens… Ik werd gescout door de KNVB als jongen omdat ik bij de jongens voetbalde, als een jongen voetbalde en ja ik had kort haar. Ze kwamen er pas achter dat ik een meisje was toen ik voor de eerste keer naar de KNVB training ging. Toen was ik 9, ik was nog superjong. Toen ik 15 was speelde ik bij de Nederlandse vrouwen A selectie en daar heb ik toen mijn debuut gemaakt in een wedstrijd tegen Zweden. Maar ik moest helaas wel stoppen met het voetballen bij vv DETO omdat ik niet in het eerste kon spelen. Ik ging op zoek naar iets anders en kwam toen in Deventer terecht. Daar ging ik spelen in de hoofdklasse, destijds het hoogste niveau voor vrouwen.”

“Ik had in die periode echt steeds minder plezier in voetballen, ik was ver van huis weg en ik kon niet meer mijn spelletje voetbal spelen als dat ik vroeger kon. Ze vonden me te ruig en te hard spelen. Ik heb dit twee jaar vol gehouden tot dat een bondscoach van de KNVB me vroeg wat ik nou echt wilde: topsporter worden of voor een andere weg kiezen. Dit deed me beseffen dat ik niet goed bezig was. “Ik had een toernooi en daar werd ik door een Duitse bondscoach uitgenodigd om eens mee te trainen. Na de eerste training zei ik tegen mijn pa dat ik het helemaal niks vond, de sfeer was zo koud. M’n pa adviseerde om nog een paar keer mee te trainen voordat ik een beslissing zou nemen. En uiteindelijk ben ik toch in Duitsland gaan voetballen. Dit was echt het begin van de mooiste periode van mijn carrière.”

“Ik heb 7 jaar lang in Duitsland gevoetbald, totdat ik telkens meer blessures kreeg en eigenlijk wel moest stoppen op dat niveau. Ik ging terug naar Nederland voor herstel, maar ben eigenlijk nooit meer terug gegaan. Hier in Nederland werd destijds de eredivisie opgezet. Ik heb gespeeld voor FC Twente en Willem II. Het EK zou echt de perfecte afsluiter van mijn carrière zijn. Helaas raakte ik vlak voor dat EK geblesseerd waardoor ik niet mee kon. Voor mij een enorme tegenslag en ik was ook wel even klaar met het voetballen. Heel lang heeft dat niet geduurd trouwens, ik begon vrij snel met het volgen van cursussen om trainer/coach te worden.”

“Ik had ooit de ambitie om een Nederlands vrouwenelftal te trainen en te coachen. Dat heb ik ook gedaan trouwens. Eerst werkte ik bij SC Heerenveen maar werk nu met de Oranjemeisjes in de leeftijdsgroep 19 en jonger. We hebben het EK gehaald en nu gaan we voor die titel ook! Onder mijn leiding doen we er alles aan om het team klaar te stomen voor dit toernooi. Daarbij is het vooral belangrijk dat we echt vanuit het teambelang werken. We doen het samen, dan bereik je pas het beste resultaat.”

“Mijn allergrootste droom is eigenlijk wel om met een Nederlands vrouwenteam naar de Olympische Spelen te mogen. Voetbal is nu nog echt een mannensport maar het lijkt me zo gaaf als steeds meer jonge meiden en vrouwen voor deze sport kiezen. Het niveau zal dan omhoog gaan maar nog belangrijker: je moet vooral doen waar je plezier in hebt. En het is echt niet alleen voor mannen.”

Foto: website KNVB

Stoere Vrouwen Sporten Shop