Monique: Ik doe maar wat

Ik doe maar wat… dat is eigenlijk in een notendop wat mijn leven is. Ik doe maar wat en dat doe ik dus op mijn gevoel. En dat doe maar wat, dat doe ik dus in ook in trainingen. Ik neem het allemaal heel serieus. Maar als het puntje bij het paaltje komt, is het allemaal niet heel logisch of zelfs verantwoord.

Zo kreeg ik, na tien jaar studentikoos en een zeer sportloos bestaan, de vraag of ik niet een keertje wilde rugbyen. Ik lachte, zei ja en was verslaafd. Een ingewikkeld spelletje. Drie jaar staat er voor om de regels onder de knie te krijgen, het spelletje te beheersen en de tegenstander magistraal te tackelen. Zes jaar lang probeerde ik enige tactiek onder de knie te krijgen. Ik deed het vol overgave, ik genoot. Maar ik deed maar wat.

Ik ging fietsen, ging harder en snapte wat ik deed

Na een zwangerschap en verhuizing zocht ik een nieuwe sport. Ik ging hardlopen met digitaal trainster Evi. Een rustig tempo, een sprint en alles wat daar dan allemaal nog tussen zit probeerde ik te trainen. Ik snapte er niets van, van die tempowisselingen, liep mijn eerste wedstrijd, mijn tweede enzovoorts, maar wat ik ook deed mijn gemiddelde snelheid bleef haken bij 33 minuten op 5 kilometer. Ik genoot zelden, wilde sneller, maar dat lukte niet. Want ik deed maar wat.

Inmiddels heb ik ook wat kilometers gemaakt op de racefiets. Na een solocarrière besloot ik in een cluppie te gaan fietsen. Nu, na een paar weken krijg ik voor het eerst in mijn leven het gevoel niet zo maar wat te doen. In de groep ga ik harder dan ooit, leer ik dat mijn zadel te hoog staat  en dat ik mijn hart teveel in de rode meters gaat omdat ik een te licht verzet wegtrap. Ik neem alle adviezen ter harte en ook solo ga ik nu harder en snap ik wat ik doe.

Mijn eerste triathlon

Dat is dan de uitzondering die de regel bevestigt. Want terwijl ik mijn fietskilometers opbouw en lol heb, vergeet ik een ding een beetje… mijn eerste triatlon. Een achtste dus, met 500 zwemmeters, 25 kilometer op de fiets en 5 hardlopend. Ik heb al menig schema uitgeprint, maar ik heb er nog geen gevonden die bij me past.

In mijn schema had ik natuurlijk al lang in een binnenbad moeten zwoegen om mijn borstcrawl te verbeteren, maar dat kan ik niet. Die lucht van chloor en het geluid van kletsende bejaarde weerkaatsend tegen de betonnen muur zorgden ervoor dat ik oververmoeid raak nog zonder een meter te zwemmen.

In een buitenbad is dat allemaal heel anders. Hoe koud ook, het is heerlijk om in warm water te liggen, meters te maken, de wolken te zien drijven en de vogels te horen fluiten. Dus heb ik met zwemmen gewacht tot het buitenseizoen was begonnen, te laat dus.

Ik fiets dus veel en hard, vergeet harder te gaan lopen en begin pas over drie dagen met zwemmen. Niet helemaal wat de triathlon trainingen voorschrijven. Dus ik doe maar weer eens wat.  Toch hoop ik met deze instelling na mijn eerste vrouwentriatlon te kunnen zeggen, ik deed maar wat, maar ik deed het met onwijs veel plezier.

Dit is de laatste van drie blogs die Monique schreef voor onze schrijfwedstrijd. Laat je ons weten of je meer van haar wilt lezen?

Lees ook haar blog over haar beklimming (ter fiets) van de Grand Ballon, en over haar twijfels – wel of geen triathlon?

 

 

2 Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published.