Grappend en altijd vrolijk komt Ingrid aan bij de eerste waterpost van de Indian Summer Ultra. Nee, ze doet niet mee aan de lange afstand maar aan de “kidsrun”. Deze opmerking is reden voor RTV Drenthe om een diepte interview af te nemen. Ze krijgt een camera en microfoon voor haar gezicht en de vraag of het niet gek is, wat ze doet…

De wekker staat op 04.00 uur, zaterdagochtend 29 oktober. Slapen doe ik weinig, bang als ik ben dat mijn telefoon mij toch niet zal wekken. Ik schiet omhoog in het donker om te kijken hoe laat het is….03.59 uur, great. Ik heb de wekker verslagen! 45 minuten (en een hoop inpak gestress) later stappen manlief en ik in de auto op weg naar Rolde naar de start van de Indian Summer Ultra. Onderweg valt het me op hoe donker het is in Drenthe.

Bij de start is het gezellig. Er is warme koffie en de haard brand. Kort voor de start komt de meute in beweging. Meer dan 100 deelnemers zijn het zo te zien niet. De startnummers van de deelnemers worden handmatig genoteerd. We staan in het startvak nog wat te praten als er opeens wordt afgeteld. We gaan! De route is prima aangegeven, fluorescerende lintjes en verdwalen is er niet bij.

Wel maak ik weer een “superman” op een single track in de schemering. Ik word omhoog geholpen door een Engelstalige dame : weren’t you also in Limburg? Ja, dat klopt, bij Limburgs Zwaarste, in april. Ze herkende me aan mijn blauwe ogen en nagels 😉 Kleine wereld, die trail wereld. Voorzichtig draaf ik door. Het vertrouwen moet weer even terug komen na deze val. Want potjandorie, het was weer dezelfde knie waar ik op viel als twee weken ervoor.

Vlot kom ik aan bij de eerste waterpost. Waarschijnlijk loop ik te snel, maar daar maak ik me op dat moment weinig zorgen over. Het is nu licht en ik berg mijn hoofdlampje op. Wel besef ik opeens dat ik straks, veel later, nog zal lopen en dat het dan weer donker zal zijn. Een vreemd besef. Het is gezellig bij de waterpost en terwijl ik sta te grappen over het feit dat ik slechts de “kidsrun” loop staan er opeens twee reporters van RTV Drenthe voor mijn neus.

Terwijl ik nog denk: “als mijn haar maar goed zit?!” neemt de razende reporter mij een interview af. Op foto’s is te zien dat de boomlange reporter diep door zijn knieën moet om de trailsmurfin te interviewen. Of je niet een beetje gek moet zijn om aan zo’n loop deel te nemen. Dat kan ik alleen maar beamen. “Je moet wel een beetje raar zijn om dit te doen”. Na het interview stuur ik een bericht naar mijn loopgroep dat de juf op tv komt. Sowieso leven ze hartstikke mee. De sporadische momenten die ik op mijn telefoon kijk zijn er telkens weer nieuwe hartverwarmende opmerkingen.

Achteraf gezien vliegt zo’n dag voorbij. Tijdens het lopen voelt het op momenten wel heel anders. Alsof er nooit een eind aan komt. Maar wat heb ik een hoop gezien! Heide, paddenstoelen in allerlei soorten en maten, hunebedden, bos in schitterende kleuren (Indian Summer!), heel veel eikels op de grond en als je even stilstond werd je gebombardeerd (door Knabbel en Babbel?!). Soms zit je in een soort roes. Het overkwam mij regelmatig dat ik de lintjes (die de weg aangeven) wel zag hangen, maar na een tiental meters toch even om moest kijken of ik echt wel een lintje had gezien. Je ziet ze wel, maar het dringt niet echt meer tot je door.

Tijdens de vierde etappe (er waren voor mij vijf etappes van telkens ongeveer 20 km) werd het weer donker. Dat was nog even spannend. Hier waren de lintjes niet goed zichtbaar want er was geen fluorescerend lint gebruikt. Dan loop je daar moederziel alleen in het bos, met je hoofdlampje op, en geen idee waar je heen moet. Een soort speurtocht werd dat. Het kwam allemaal goed, maar ik vond het wel erg lastig navigeren. Na de laatste waterpost (waar manlief stond met een thermosfles hete soep!) waren de lintjes weer beter te zien. Maar ook dan blijft het spannend. Hier liep ik ook weer stukken helemaal alleen. In het donker zie je geen zijpaden dus op goed geluk bleef ik doorlopen. Meestal kwam er dan opeens een lintje net op het moment dat ik bijna een paniekaanval kreeg. Het heeft iets troostends zo’n lintje midden in een donker bos.

Tegen het einde kreeg ik het hartstikke koud. Ondanks het jasje wat ik had aangetrokken. Een grote fout gemaakt door mijn handschoenen niet in een diepvrieszak te bewaren maar los in de rugzak. Die waren dus kleddernat en koud. Ik heb altijd een reddingsdeken bij me in mijn rugzak maar ik had helemaal geen puf meer om die te pakken. Toen ik ook nog begon te geeuwen wist ik wel dat ik onderkoeld dreigde te raken. Maar ik had geluk.

Bij de laatste wegoversteek, 5 km voor het eind, stonden twee dames met een lampje het verkeer te regelen. Zij waren heel kordaat, pakten een reddingsdeken, sjorden mijn shirt omhoog en mijn broek omlaag, want die thermodeken moest op de huid om warmte te bieden. Zij boden bij voorbaat hun excuses aan omdat dit wellicht als wat indiscreet kon worden ervaren maar het kon me niks schelen. Als ze me hadden gevraagd of ik een kikker na kon doen of in mijn blote niksie een rondje rond de boom had moeten rennen, had ik het ook gedaan. Alles om maar weer warm te worden.

De laatste 5 km wandelde ik met een loopmaatje uit. Hij had dikke enkels en ik had er gewoon geen zin meer in. Niet dat we gingen opgeven, we waren al ruim 16 uur in touw. Dat laatste stukje zouden we ook nog wel even doen. Die laatste 5 km waren de langste kilometers van de Indian Summer Ultra. Er kwam maar geen einde aan. Hoewel, opeens was daar dan toch de finish. We werden hartelijk ontvangen en gefeliciteerd. Het ging allemaal een beetje langs me heen. Ik had het gewoon te koud. Binnen brandde de haard, dat was heerlijk. Mijn schoonzus had een kruikje voor me gewarmd en een fleecedeken mee genomen. Zo ging ik de auto in, kruikje op schoot en gewikkeld in een fleecedeken. Heerlijk!

En daarna? De eerste dagen had ik pijnlijke hielen, soort ontstekingsreactie. Na een week was dat eindelijk weg en toen kwam ook pas het besef dat ik gewoon zomaar eventjes 100 km had gelopen. Ik ben er nog steeds een beetje verbaasd over. Dat het zwaar zou worden had ik van te voren wel bedacht. Ik ben ontzettend blij dat ik het fysiek aan kon, maar nog blijer ben ik dat mentaal ook allemaal goed ging. Ik heb mezelf tijdens de loop af en toe een virtuele schop onder de kont verkocht, hup doorlopen! En bovenal heb ik kunnen genieten en gelachen tijdens de loop.

Binnen een paar dagen start de inschrijving voor “het”. Zelfde afstand, maar dan met een paar bergen er in. Ik ga er voor. Yes, you can!

1 Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.