Ik lig op de grond, mijn trainer houdt mijn voet vast. Mijn sportmasseur die ook op de baan aan het trainen is, komt snel naar ons toegelopen. Hij vraagt me wat. Ik weet het antwoord niet en vind het een moeilijke vraag. Ik snauw wat naar hem en hij loopt weg. De emotie die ik voel maakt het moeilijk om na te denken. Ik wil vloeken, ik wil huilen, ik wil schelden, hou me vast, donder op, ik wil op staan, ik wil weglopen.

Nee, ik wil sprinten en voor de zoveelste keer staat de pijn aan mijn benen me in de weg. Meer dan vier maanden ben ik nu onderweg, sinds de dag waarop ik besoot sprinter te worden. Veel heb ik nog niet kunnen doen. Op de baan dan, want druk was ik al die tijd wel. Druk met bezoekjes aan de fysio, herstellen, de manueel therapeut, rustig rennen, zwemmen en fietsen zelfs, maar niet druk met sprinten. Het is bizar wat me deze maanden overkomen is. Ik Rose Mentink, sportvrouw, blijk helemaal niet klaar voor mijn beoogde sportdoel. Mijn lichaam rammelt aan alle kanten. Had ik gedaan wat ik altijd al deed: wat fietsen en hardlopen, dan was er niets aan de hand geweest. Maar ik wilde trainen op de baan op het aller explosiefste onderdeel: de sprint.
Steeds kan ik een beetje trainen en raak dan weer gebelesseerd, steeds vinden mijn fysio en ik een oorzaak en doen we er wat aan. Dan ga ik trainen en gaat er weer iets mis. Hoop, pijn, teleurstelling, precies dat en dan keer op keer weer.

Elk ander mens had misschien al lang en breed opgegeven. Maar iets in me wil dit zo graag en wil koste wat het kost kijken hoe snel ik eigenlijk worden kan, dat ik wel door moet. Ik ben 38, eigenlijk ben ik al te laat om te leren sprinten, maar toch zie ik het als een once in a lifetime dingetje. Iets-wat-ik-doen-moet.
Daarom train ik door. Daarom pak ik elk pijntje en zwak plekje in mijn lijf aan en wordt de lijst met oefeningen die ik dagelijks doe steeds langer. Rekken, strekken, kracht… noem maar op.
Ik kan mij zo voorstellen dat je denkt dat ik misschien wel een beetje gek ben. Waarom mezelf zo pijnigen terwijl ik van gewoon een rondje rennen in de stad ook blij kan worden? Waarom niet gewoon trainen voor een snelle vijf of tien kilometer wedstrijd?

Het antwoord is vrijheid. Vrijheid en het gevoel van vleugels hebben, want dat is wat hardlopen op de baan is. Dat is wat ik nu een paar keer heb mogen voelen terwijl ik dat korte stukken van zoveel zoveel meter afleg. Op de baan loop je op je voorvoet, raakt je voet maar kort de grond aan en komen je knieen lekker hoog. Je gebruikt je armen en spant je core aan en het enige wat je ziet is die eindstreep. Een paar meter lijkt onvoorstelbaar ver, maar je moet door, over die streep en dan pas loslaten. Er komt ontspanning in je lijf en je loopt nog een paar passen door. En dat is zo lekker, want terwijl je naar lucht hapt, voel je aan het aantal passen wat je nodig hebt om af te remmen hoe hard je eigenlijk ging. En hoe je dat op eigen kracht deed, met niet veel meer dan je eigen lijf, de baan en een paar schoenen. Dat is gaaf. Dat is mooi.

En anders is er nog wel het hardlopen in de bocht. De bocht houdt in dat het stukje af te leggen meters groter is. Best ver zelfs. 150 meter ofzo. Maar de bocht maakt die volstrekt onhaalbare lengte meer dan goed. Een kort stukje rechtdoor op de baan is namelijk tof. Over de streep komen ook, maar als je de bocht loopt, dan verandert alles, dan vlieg je. Ik weet niet wat het is, maar als je de bocht loopt en let op je techniek, dan lijkt het net alsof het universum je een zetje geeft, alsof de er een verdubbelaar is ingezet. Het enige wat je hoeft te doen is die benen als een malle te laten gaan en dat vast te houden als je uit de bocht komt. Dat laatste is mij overigens nog niet gelukt.

Ik heb al heel veel blogjes geschreven over hardlopen. Over hoe fijn en mooi die sport is. Hoe lekker het is om ‘s avonds langs de rivier te rennen, maar dat allemaal haalt het niet bij een aantal perfecte seconden op de baan. De baan is gemaakt voor snelheid. Als je je voeten hard maakt en je je hele lijf activeert, dan geeft dat rare oranje oppervlak je zoveel terug. Ik heb het nog niet vaak mogen voelen of ervaren, maar ik weet wel dat ik er heel veel meer van hebben wil. Precies daarom ga ik door en blijf ik bij elk nieuw pijntje en zwak deel in mijn lijf gefocussed. Ik doe mijn oefeningen en train zo elke dag een beetje. Soms verlies ik de moed, maar toch ga ik door. Want ‘blijf erin geloven dat ik jou stuiterend en op hoge snelheid over die baan ga krijgen!’ zei mijn trainer tegen me.

 

Rose

Editor in chief en founder van Stoere Vrouwen Sporten. Rose schreef voor bladen als Fiets magazine, Grinta!, Fietssport en de Flair, Ze merkte dat ze het aanbod voor actieve vrouwen matig vond. Meestal gaat dat over slank zijn en afvallen. Voor Rose is een actief leven zoveel meer. Daarom begon ze deze site. Samen met haar team is het haar missie om zoveel mogelijk vrouwen te helpen vreugde, balans en activiteit in hun leven te brengen. Rose fietst, rent, kookt, schrijft en geniet.

No Comments Yet

Leave a Reply

Your email address will not be published.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.