Wiebelen

Misschien dacht hij dat ik er als vrouw toch niks van zou snappen.

Of dat ik gewoon even wilde laten weten dat ik beter dan hij was en hij er dus verder niks mee moest.

Of hij vond mijn advies wel goed bedoeld, maar had hij er alsnog gewoon geen boodschap aan.

Want toen ik mijn pelotongenoot op de Coureur adviseerde dat hij misschien beter van het middelste blad naar zijn grootste blad kon schakelen wuifde hij dat weg met ‘ooh, een beetje extra training!’. Maar eigenlijk kwam die opmerking voort uit puur eigenbelang. Want toen ik een paar rondes ervoor in zijn wiel zat op de finishstrook, wiebelde hij zó veel op zijn fiets dat ik er bijna door onderuit ging.
Ik weet dat je als degene die achter rijdt zelf moet oppassen, maar ik had nog niet door dat hij op zo’n koffiemolentje zat te trappen. Daar ga je niet van uit, bij een clubkoers op de Coureur. Dus toen we op de pedalen gingen staan om aan te zetten – en ik besloot zijn wiel te pakken – was ik een beetje verrast toen hij ineens veel meer heen en weer waggelde dan ik had verwacht. Toen ik daarna zag dat hij niet op zijn grootste blad stond besloot ik er wat van te zeggen. Tevergeefs dus. Even later zat hij nog steeds te stuiteren op zijn fiets.

Wel concludeerde ik uit deze situatie dat ik toch weer een flinke ontwikkeling heb doorgemaakt. Sowieso was het mijn eerste clubkoers van het seizoen, wat altijd een beetje spannend is: Heb je goed en effectief getraind gedurende de wintermaanden? Heb je nog iets vastgehouden van die ontzettend goede vorm die je had toen je in het najaar je rust in ging? Vorig jaar leek het erop alsof ik een winter lang had stil gezeten, zo slecht ging het bij mijn eerste clubkoersjes. En de eerste KNWU-koersen gingen even later ook al niet al te best. Maar nu voelde ik dat ik na enkele rondjes gewend te hebben alweer lekker mee kon, zo voor de eerste keer.
Daarnaast laat ik me dus ook niet meer uit het veld slaan door zo’n indicentje als met de meneer op de koffiemolen. Waar ik voorheen dan toch even van mijn a propos was, als er een bijna-valpartij was of als ik bijvoorbeeld werd afgesneden, bleef ik nu rustig en vertelde ik de meneer even later nonchalant dat hij ook nog een groter blad op zijn fiets had zitten. Dat hij er vervolgens niks mee doet beschouw ik dan maar als zíjn verlies.

Jeanine Laudy – wielrenster en schrijfster van het boek: Strijd in het Vrouwenpeloton – kocht een aantal jaar geleden haar eerste racefiets. Ze rijdt wedstrijden en schrijft op haar blog over haar avonturen. Een topwielrenster is ze niet. Jeanine is gewoon een vrouw die gelukkig is als ze sport en ook al moet ze vaak aanklampen, haar sport vindt plaats op de weg in het peloton. Ze heeft haar eigen tekstbureau en schrijf voor verschillende sites en bladen.

Rose

Editor in chief en founder van Stoere Vrouwen Sporten. Rose schreef voor bladen als Fiets magazine, Grinta!, Fietssport en de Flair, Ze merkte dat ze het aanbod voor actieve vrouwen matig vond. Meestal gaat dat over slank zijn en afvallen. Voor Rose is een actief leven zoveel meer. Daarom begon ze deze site. Samen met haar team is het haar missie om zoveel mogelijk vrouwen te helpen vreugde, balans en activiteit in hun leven te brengen. Rose fietst, rent, kookt, schrijft en geniet.

No Comments Yet

Leave a Reply

Your email address will not be published.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.