vrouw loopt hard in stad

Ga ik wel of ga ik niet? Trainen ja of nee? Dat is keer op keer de vraag. Tenminste voor mij. Woensdagavond ben ik niet gaan trainen op de atletiekbaan en maandag ook al niet. De atletiekbaan en die ontzettend gave sprintjes moesten het maar even zonder mij doen, zelfs al vind ik ze zo leuk.

Iedereen die net als ik op latere leeftijd met sporten is begonnen, kent het wel: de keren dat je gaat trainen en het eigenlijk niet had moeten doen en de keren dat je niet gaat en erachter komt dat je met gemak wél had kunnen gaan. Beginnen met sporten is veel meer dan alleen een techniek leren en conditie opbouwen;het is ook een soort kennismaking met je lijf. En dan vooral leren ernaar te luisteren.

 

Sporten is fijn

De meesten van ons beginnen met sporten omdat het ‘nu écht anders moet’. Deze ontdekking wordt dan meestal op weg naar de tram, met de zware boodschappen op de trap, voor de spiegel, of half in die jeans van vorig jaar zomer gedaan. In onze facebookgroep zie ik veel vrouwen die van (enorm) overgewicht naar een sportief lijf hebben getraind.

Ikzelf was voordat ik ging sporten nog een stuk dunner dan nu, maar ik was wel een roker en volledig inactief. En van een conditie kon je bij mij niet spreken. Ik kreeg een racefiets, ging rondjes maken en ontdekte een wereld die heel anders was. Mijn lijf werd energieker, mijn denken helderder en ik werd als persoon actiever. Maar ook de manier waarop ik naar de wereld keek en mijn eigen positie daarin zag werd anders, beter eigenlijk. Het was fantastisch en nooit meer wilde ik terug naar hoe ik was.

>>Lees: Ik houd niet van sporten!

Voor veel sporters die zijn gaan sporten om af te vallen is het net zo; ook zij willen nooit meer terug naar waar ze vandaan zijn gekomen. Nooit meer willen ze inactief en ongemakkelijk in hun lijf zitten. Ze weten maar al te goed hoe hard ze hebben gewerkt om te komen waar ze vandaag zijn.

En precies daar zit volgens mij een valkuil. We hebben hard gewerkt en willen niet terug naar de tijd zonder fitheid en zijn bereid daar heel hard voor te trainen.

 

Te lui om te sporten

Gisteren zag ik twee berichtjes op Facebook, allebei van vrouwen die even wat minder hadden gesport. Volgens mij hadden ze een paar weken nauwelijks wat gedaan en beiden hadden ze in de periode voor die paar weken getraind voor een evenement en daar ook een snellere tijd dan ooit gelopen. Ze vonden dat het klaar was met de luiheid en dat ze snel weer aan de slag moesten.

>>Blog: Moeten bewegen van jezelf

Dat ze wel weer mogen trainen, spreek ik niet tegen, maar luiheid? Bij mensen die genieten van sport geloof ik niet in luiheid. Of laat ik het anders zeggen: ik ben zelden lui. Toch heb ik ook periodes waarin ik nauwelijks train of minder doe. Maar bijna altijd kan ik ze wel verklaren. Dan heb ik een drukke tijd met mijn werk, donders veel last van een gierende pms of heb ik net een aantal weken erg hard getraind. Zelden doe ik minder, omdat ik lui ben. Nooit sport ik een tijdje matig, omdat ik er onbewust voor kies weer zo inactief te worden als voorheen. En toch heb ook ik soms het idee dat het lui is niet te sporten.

 

De keuze om niet te sporten

Dat ik deze week niet ben gaan trainen op de baan is een bewuste keuze geweest. Zoals jullie inmiddels wel weten, ben ik aan het leren sprinten en vraagt dat veel van mijn lijf. Niet alleen de aanpassing naar een meer explosieve manier van sporten, maar ook het lopen op een andere ondergrond is even wennen. Ik merk het aan mijn spieren en ben al een paar keer thuisgekomen met kleine blessures. Daardoor ben ik al een paar weken aan het rommelen. Ik zit tussen fit en niet fit in en ben mijn trainingsritme volledig kwijt.

Natuurlijk had ik maandag en woensdag wel kunnen gaan trainen op de baan, maar voor mijn gevoel was het beter om eerst mijn ritme terug te vinden en een week of wat even ontspannen te lopen en daarvan te genieten. Want onbewust werd de baan een beetje een dingetje. Ik vroeg me niet meer af of ik lekker zou gaan trainen, maar of mijn spieren het zouden gaan houden.

 

schoenen op atletiekbaan

Luisteren naar je lichaam, hoe doe je dat?

En hoewel ik het aan mezelf kon uitleggen, voelde het toch een beetje lui. Ik blijf altijd een beetje twijfelen aan mijn motief en ergens ben ik bang om toch nog als niet sporter door de mand te vallen. Maar ik heb wel geleerd om mezelf niet tot het naadje te pushen als ik denk dat rust ook een goede optie is. In plaats daarvan praat ik even met mijn masseur, de fysio of natuurlijk mijn trainer.

Ik denk dat sporters zoals ik, sporters die rond hun dertigste pas begonnen zijn, erbij gebaat zijn dat te doen: even checken of wat we denken en voelen wel klopt. En of de door ons bedachte oplossing wel de beste is. Ik sport nu een jaar of tien zo’n vier tot zes keer in de week en heb een tijdje wedstrijdjes gedaan. En inmiddels word ik er wel goed in. Ik weet wanneer mijn lijf me vertelt dat ik moet rusten en ik weet wanneer ik een trap onder mijn kont nodig heb.

>>Artikel: Veelvoorkomende sportblessures uitgelegd

Maar zonder Age, Gerard en Hendrik (mijn masseur, fysio en trainer) zou ik mijn sprint experiment niet aandurven. Zij zien en voelen aan mijn lijf en beweging hoe ik ervoor sta. En op hen vertrouw ik blind, zelfs als ze zeggen dat ik iets kan wat ik zelf nog nooit gedaan heb. Maar ook als ik iets wil en zij het beter vinden van niet, ik luister naar hen. Het voordeel van hen ten opzichte van mijn hoofd en eigen gedachten is dat zij geen last hebben van het idee dat ik lui ben of de gedachte dat ik weer terug ga naar de tijd voordat ik ging sporten. Zij zien de feiten. Dat is erg fijn.

 

Sporters zijn zelden lui

Omdat ik weet dat veel sporters geen trainer hebben en ook niet meteen naar de fysio of masseur gaan, heb ik een lijstje gemaakt met regels die ik voor mezelf hanteer:

Niet fit is niet voluitOfwel als mijn spieren moeilijk doen, ik loop te hoesten of ik erg moe ben, dan kan ik wel gaan sporten, maar doe ik het op het gemak. Elk mens heeft een bepaalde belastbaarheid en als we te veel energie gebruiken als we niet fit zijn doen we onszelf schade toe.

Een keer wat te veel sporten is niet erg, al zal ik het wel voelen. En dit gaat vooral over de momenten waarop ik wel fit ben.

Sporters zijn zelden lui. Zo nu en dan niet gaan is geen luiheid. Als ik erachter kom dat ik toch wél had kunnen gaan is er morgen weereen nieuwe dag. Het heeft geen nut me druk te maken om de keren dat ik niet ben gegaan. Ik kanme beter bezighouden met de training die ik de dag erna ga doen. Wat ga ik doen, wanneer en met wie?

Opgeven is echt wel een optie. Na twee kilometer merken dat het niet gaat en een kilometer verder nog steeds hetzelfde gevoel hebben is voor mij reden genoeg om terug naar huis te gaan. Ik heb dan wel de gouden regel dat ik de dag erna wel moet gaan. Zo maak ik het goed met mezelf.

Luiheid is niet fysiek, vermoeidheid wel. Ik loop bij twijfel de trap een paar keer op en mijn benen vertellen het verschil tussen die twee. Soms word ik moe van de trap en andere keren krijg ik meteen energie;die energie vertelt me dat ik gewoon moet gaan. Het is dan zelfs wel lekker om een korte intensieve training te doen.

Sporten is een hobby. Ik hoef heus de Olympische Spelen niet te halen. Minder hardlopen of fietsen is soms heel goed, maar ik zet er wel een lagere wandeling met de hond tegenover.

 

Liefs, Rose

 

Fit is the Shit – fitness t-shirt

Lees ook: 

Merk jij dat hardlopen dit met je doet?

Snel, sneller, snelst, tips voor hardlopers

Dingen om niet te vergeten als je traint voor een wedstrijd

 

En vergeet ons niet te volgen op InstagramFacebooken Youtubevoor mooie foto’s, updates en leuke filmpjes voor vrouwen die sporten.

Rose

Editor in chief en founder van Stoere Vrouwen Sporten. Rose schreef voor bladen als Fiets magazine, Grinta!, Fietssport en de Flair, Ze merkte dat ze het aanbod voor actieve vrouwen matig vond. Meestal gaat dat over slank zijn en afvallen. Voor Rose is een actief leven zoveel meer. Daarom begon ze deze site. Samen met haar team is het haar missie om zoveel mogelijk vrouwen te helpen vreugde, balans en activiteit in hun leven te brengen. Rose fietst, rent, kookt, schrijft en geniet.