Over zon, genieten en powervrouwen: fietsen op Gran Canaria

Wielrenster op haar racefiets op Gran Canaria

Roos was even weg. Op trainingskamp. In de zon. Lekker, fietsen in een korte broek. Fietsen op Gran Canaria, en het was 20 graden daar. Word je al jaloers? Lees dan maar niet verder…

Als ik kom aanrijden op de kruising na een klim van zo’n 20 kilometer staan de andere meiden al te kwebbelen. “Hé daar rijden die twee heren van Giant en Bora weer die ons onderweg naar boven inhaalden, zouden ze een koffiestop hebben gemaakt?” Ook de heren draaien hun hoofd om even te checken of wij inderdaad dat groepje vrouwen zijn die ze al eerder hadden gezien. “Hoezo kijken zij naar ons, zij zijn de profs!” zegt een van mijn ploeggenootjes verbaasd. Maar het was niet de eerste keer dat er wat nieuwsgierige blikken van andere wielrenners onze kant op gingen deze week. Blijkbaar is zo’n groep dames op trainingsstage toch iets opvallends?

 

In je korte broek fietsen op Gran Canaria

De voorpret was al een van de fijnste dingen van deze winter: het zoeken naar een bestemming waar we eind januari zouden kunnen fietsen in korte broek. Omgeving Girona viel af (10-15°C, en de korte broek grens ligt voor trainen op 15°C, met koersen wel wat lager…), Mallorca met een voorspelde 14°C was een optie, maar daar was de regenkans nog steeds behoorlijk. Dus streken wij neer in hotel in Maspalomas op Gran Canaria bij een gemiddelde middagtemperatuur van zo’n 20°C.

Fietsen in korte broek is toch één van de dingen waar je als in-de-winter-doorfietsende-wielrenner het meeste naar uit kan kijken. Nu ben ik absoluut niet zielig of koud als ik met vijf lagen kleding en overschoenen een ritje door het Nederlandse polder maak bij -2°C. Maar een korte broek…. Dat heerlijke gevoel van frisse lucht langs je armen en benen, en een zonnetje op je huid, daar ga je echt harder van fietsen!

 

Uiteindelijk volgt er altijd een afdaling

Al in het vliegtuig bleek dat je in deze tijd van het jaar maar twee types mensen hebt die naar Gran Canaria gaan: gepensioneerden en wielrenners. In ons hotel lag de verhouding op ongeveer 95% tegen 5%. Gelukkig hadden wij deze bestemming niet gekozen voor het hotel maar voor het prachtige fietsgebied dat vanaf daar te bereiken is. Ik was als niet-klimmer de dagen vooraf wat op gaan zien tegen de eerste trainingen met de andere powervrouwen in mijn ploeg die toch wat duidelijker aan het profiel klimmer voldoen. Op Gran Canaria kun je namelijk geen rondje fietsen dat vlak is, je moet altijd een berg over met een beklimming van minimaal 1000 meter. Ook mijn ritje heen en weer langs de kust leverde me al 900 hoogtemeters op…

Toch heb ik ook deze week weer enorm genoten van het klimmen, die pedalen rond laten gaan in een lekkere cadans, de druk op je benen daar wen je aan, op de steile stukjes even uit het zadel voor wat extra kracht. Regelmatig kijk ik even  op mijn Garmin hoe ver heb ik al geklommen? En dan, uiteindelijk altijd, volgt er een afdaling en ben ik helemaal in mijn element. Afdalingen zijn op Gran Canaria bijna allemaal perfect: strak afsvalt, duidelijke vangrails, schone weg, goed overzicht en auto’s die met voldoende ruimte inhalen en toeteren bij onoverzichtelijke bochten zodat je weet dat ze komen. Wielrennen in een bergachtig gebied is zo heerlijk avontuurlijk. En het is super om te merken dat mijn lijf – ondanks een recente valpartij – sterk en fit genoeg is om bergachtige ritten van rond de vier uur goed aan te kunnen!

En al dat klimwerk is ook zeker ergens goed voor ins ons polderlandje: de trainingen van afgelopen week hebben ervoor gezorgd dat mijn duurvermogen nog beter is geworden en dat mijn benen sterker (en ook zichtbaar gespierder…) zijn geworden. Dit is de perfecte basis om na een weekje rust over te stappen op de meer hoog-intensieve trainingen ter voorbereiding op het wedstrijdseizoen.

 

Wielrenners op Gran Canaria

Wij waren dus bepaald niet de enige wielrenners op Gran Canaria, onderweg kwam je er meer tegen dan op de Utrechtse heuvelrug. Maar meestal groepjes mannen, wat stelletjes of groepjes mannen met een enkele vrouw er tussen. Met vijf lange dames vielen we dus blijkbaar toch op in het geheel. Toch verwonderde ik me wel over de lichtelijk verbaasde gezichten bij de koffiestops boven op de berg van mannen die vroegen waar wij vandaan kwamen gefietst. En hoe ver we dan een rondje gingen maken. En dat we ook op het hoogste punt van 2000 meter waren geweest…. maar hoe normaal het ook nu voelt dat ik dit kan, hoezeer ik eigenlijk mezelf ook verbaas. Het is toch geweldig dat je met een goede conditie dit soort trainingsritten kan maken. Wat brengt mijn sport toch een hoop avontuur in mijn leven!

Roos

Vrolijke gekleurde fietsketting