Rollen of hollen

Verandering van spijs doet eten zegt men wel eens. Onze nieuwste blogger Roos gelooft er in dat dit ook voor trainen geldt. Het tegenovergestelde weet ze in elk geval zeker: dezelfde trainingen, dezelfde rondjes en dezelfde omgeving daar wordt het qua motivatie niet beter van. Zeker niet als het er buiten elke dag hetzelfde uitziet (grijs en grauw).

In mijn ‘offseason’ van het wedstrijd wielrennen heb ik dit najaar twee nieuwe sporten opgepakt: cyclocross en hardlopen en natuurlijk core/krachttraining in de sportschool. Of joggen eigenlijk. Het schijnt namelijk dat je het pas hardlopen mag noemen bij 12 km/u en daar kom ik nog lang niet in de buurt.

 

Verandering van routine

In opbouw naar een prestatiemoment kennen veel atleten de regel: variatie in training is de sleutel naar succes. Door je trainingen te variëren in duur, intensiteit en terrein prikkel je je lichaam om zich telkens weer aan te passen en die prikkels een volgende keer beter aan te kunnen. Een lichaam dat continu dezelfde belasting te verwerken krijgt wordt lui.

Deze regel pas ik daarom ook op mijn jaarcyclus toe: na een periode van zo’n 8 maanden vrijwel alleen op de racefiets te hebben getraind, is het tijd voor variatie. Je hoort echter vaak dat hardlopen een zeer belastende sport is voor je gestel vanwege de klappen die je opvangt en dat je je eigen gewicht mee draagt. Wielrennen daarentegen juist niet, atleten die jarenlang alleen maar wielrennen zouden zelfs sneller wat breken omdat hun botten niet zijn aangepast om klappen op te vangen. Hardlopen is voor wielrenners dus gevaarlijk (aldus mijn trainer, stel dat je geblesseerd raakt!) maar naar mijn idee ook een goede afwisseling.

In eerste instantie was dit nieuwe weekmenu best pittig. Na de eerste paar trainingen in de sportschool en met het hardlopen had ik mega veel spierpijn. Maar de beloning kwam sneller dan verwacht: mijn core werd sterker, mijn ademhaling meer gecontroleerd en mijn lijf is nu veel meer in balans.

 

Competitie

Natuurlijk kan mijn competitief ingestelde zelf niet aan iets beginnen zonder een doel te stellen om voor te trainen. Dus stond er al vanaf mijn eerste hardlooptraining in september een crossduatlon (run-mountainbike-run) aangekruist in de agenda. In mijn leven had ik nog nooit verder dan 6 kilometer gerend en het opbouwen was zoals gedacht niet gemakkelijk. Mijn conditie was niet het probleem maar zelfs na mijn zoveelste korte loopje van 3×2 en 2×5 min had ik de dagen er na nog vreselijk spierpijn: blijkbaar gebruik ik mijn kuiten niet tijdens het fietsen.

Toen ik een paar weken voor de duatlon (5km lopen, 20km fietsen, 2,5km lopen) nog steeds grote moeite had met de 5km, begon ik het wat somber in te zien. Moest ik wel gaan? Hoe is het toch mogelijk dat je zó makkelijk zo veel kilometers kan fietsen maar dat hardlopen zo’n stuk zwaarder is? Gelukkig haalde een ploeggenootje me over, want achteraf was ik hartstikke blij!

Natuurlijk niet perse over het gedeelte waarin ik gevoelsmatig door alle lopers werd ingehaald omdat ik met mijn 10 km/u door een zompig weiland haast niet vooruit leek te komen. Maar wel dat ik, toen ik eenmaal op de fiets zat weer mensen kon inhalen. En nog meer dat het me lukte om tot de finish te blijven rennen (al denk ik wel dat de mensen die stonden te kijken twijfelden of ik niet onderuit zou gaan op die glibberige dijk).

 

Focus op de weg

Eigenlijk moet de echte winter nog beginnen, maar mijn offseason is alweer bijna voorbij. Na een paar maanden flirten met andere sporten is het weer tijd voor focus op het komende wedstrijdseizoen. Want tja, je wordt goed in wat je traint, dus de trainingen gaan zich weer verplaatsen naar de racefiets. En daar heb ik nu weer mega veel zin in.

Toch neem ik wel wat mee van mijn hardloopintermezzo:

  • het is fijn om te merken dat mijn lijf zich met wat training kan aanpassen aan andere sporten;
  • ik voel me sterker en fitter door de afwisseling in sporten;
  • mijn kuiten en bovenlijf zijn zichtbaar sterker geworden;
  • als  je rent door het bos in plaats van fietst zie je het bos van dichterbij (genieten!);
  • een loopje van een half uur tot drie kwartier is ook ’s ochtends of met de lunch een goede workout.

Maar de belangrijkste takeway is toch wel: als je mij in mijn eentje 10 kilometer laat hardlopen over de weg dan verlang ik halverwege echt hevig naar mijn racefiets (dit schiet toch niet op!).

Wel geflirt, niet getrouwd dus met het hardlopen. Op naar het nieuwe wedstrijdseizoen.

Roos

Fiets armbandje love