Mirte: Vooruitgang

Eind maart was het tijd voor een tweedaagse MTB-wedstrijd, bestaande uit drie onderdelen. Hier hoopte ik mijn vooruitgang ten opzichte van vorig jaar te gaan zien.

De tijdrit ging een stuk beter dan vorig jaar, ik was meer dan een halve minuut sneller op een parcours van 8 km. Enerzijds was ik hierdoor wel tevreden, maar toch bleef er iets knagen. Mezelf met anderen vergelijkend, vond ik dat ik toch nog een stukje sneller had moeten fietsen.

’s Middags tijdens de circuit race, maakte ik mijn eigen verwachtingen niet waar. De start ging erg hard en binnen een minuut was iedereen uit het zicht. Met twee andere achtergebleven fietsers heb ik de wedstrijd uit gefietst, maar trots op mezelf was ik niet.

 

Teleurstelling en verzuurde benen

Vorig jaar, leek het, ging het eigenlijk beter. Toch had ik sindsdien hard getraind; ik had gefocust op veel fietsuren maken, hard fietsen en veel kilometers maken. Na een training keek ik graag naar mijn gemiddelde of naar de afstand die ik die week had afgelegd.

Thuis gekomen van deze teleurstellende krachtmeting, wilde ik al bijna mijn amateur-fiets-carrière aan de hoogste boom hangen. Als het zo niet lukte, hoe dan wel? Meer tijd om te trainen heb ik niet naast een fulltime baan. Daarnaast lette ik al op een gezond voedingspatroon en voldoende slaap. Ik werd een beetje huiverig voor overtraining. Mijn sportprestaties gingen niet vooruit, maar ook was ik al een tijd vaak moe en snel geïrriteerd.

De volgende dag had ik weinig vertrouwen in mijn eigen kunnen en dat merkte ik tijdens de wedstrijd. Mijn benen waren nog verzuurd van de dag daarvoor en de positieve energie was ver te zoeken. Erg lekker kwam ik dan ook niet uit de verf, maar ach, ik had me er eigenlijk al bij neergelegd.

 

Trainen met een schema

Die middag kwam mijn vriend met het aanbod, om één van zijn fietsvrienden mij te laten helpen met het maken van schema’s om op mijn hartslag te trainen. Daar had ik natuurlijk al vaker over gehoord, dat interval goed voor je is en dat je daar sterker van wordt.

Als ik echter op het net ging struinen, dan zag ik al snel door de bomen het bos niet meer. Want, wat voor interval moet ik dan doen, en hoe vaak? Hoe lang duurt het voordat je voldoende hersteld bent? Een coach in de arm nemen vond ik een beetje overdreven, ik zal geen prof worden. En dan ging ik weer op oude voet (lees: trainingswijze) verder.

Nu krijg ik echter speciaal op mij afgestemde schema’s. Inclusief feedback na mijn ritten. Ik houd van structuur en duidelijkheid, en voel me nu de koning te rijk. Eindelijk heb ik het gevoel dat ik effectief bezig ben in plaats van gewoon maar wat te doen. Of het effect gaat hebben op mijn snelheid en uithoudingsvermogen moeten we nog gaan zien.

In de tussentijd verheug ik me er steeds op om na mijn training een mooi grafiekje te zien met duidelijke interval- en herstelmomenten. Naar mijn uren, afstand en gemiddelde vergeet ik zelfs te kijken.

Kom maar op met die volgende wedstrijd!

Dit is de laatste van drie blogs die Mirte schreef voor onze schrijfwedstrijd. Lees ook even haar eerste blog over bomen, rotsen en afgronden op de MTB. En natuurlijk haar tweede, waarin ze vertelt hoe het is, als enige dame in een fietsgroep.

No Comments Yet

Leave a Reply

Your email address will not be published.